Alle ogen op het Binnenhof zijn donderdag opnieuw gericht op Ard van der Steur, de reeds flink gebutste minister van Veiligheid en Justitie.

Vanaf 10.15 uur moet hij overeind zien te blijven in de storm van kritiek vanuit de Tweede Kamer op het (onvoldoende) aanpakken van terrorisme en met name van Ibrahim El Bakraoui, één van de aanslagplegers in Brussel.

De man kon niet alleen ongehinderd vanuit Turkije in Nederland aankomen, Nederland deed ook niks met informatie over El Bakraoui en zijn broer die het politiekorps van New York ons land gaf. Daar zijn bepaalde verklaringen voor, maar de minister heeft al wel erkend dat betere communicatie nodig is.

In deze zaak, zo stelt Van der Steur, hebben de Nederlandse diensten “strafvorderlijk” gedaan wat van ze kon worden verwacht, rekening houdend met de beschikbare informatie en binnen de juridische mogelijkheden.

Maar “de les die ik hieruit trek”, zo schrijft de minister, is “dat een ruimere communicatie tussen diensten in internationaal verband, binnen de wettelijke bevoegdheden, een bijdrage kan leveren aan de bestrijding van het terrorisme.” En hij verwacht van de diensten dat zij zich “proactief, alert en assertief” opstellen.

Niet alle vragen beantwoord

De minister zag zich met de bijna 70 vragen geconfronteerd omdat hij vorige week tijdens een debat over Brussel niet in staat bleek alle vragen van Kamerleden afdoende te beantwoorden. De Kamer besloot het debat te onderbreken. Het gaat donderdagochtend verder. In de tussentijd rezen er ook nog nieuwe vragen.

Zo bleek Van der Steur de Kamer verkeerd te hebben geïnformeerd over de Amerikaanse info over de broers. Hij zei dat die van de federale recherche FBI kwam, maar na het debat bleek het informatie van de politie van New York te zijn.

Van der Steur houdt moed

Van der Steur zat eerder in de problemen zat door onder meer de Teeven-deal van justitie met een drugscrimineel en de onheuse bejegening van patholoog-anatoom George Maat, die onderzoek deed naar slachtoffers van rampvlucht MH17.

Zelf houdt de VVD'er de moed erin: "Ik denk dat het een heel mooi en goed debat zal worden", klonk het vorige week monter uit zijn mond

Lees ook

De rampminister: kinderdroom Van der Steur lijkt op nachtmerrie

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen op z24.nl